| ||||||||
|
|
Van Gijn, Van Gijn, Van Gijn en ... Van Gijn In Griekenland is na opa, vader nu zoon Papandreou aan de macht. En er zijn drie Donners minister of kamerlid geweest. Ook Dordrecht heeft zijn politieke familie gehad: Van Gijn. Hou ze maar eens uit elkaar. Heet de straat in Crabbehof nu Simon van Gijnweg of Hugo van Gijnweg. En was de Van Gijn van het museum wethouder of kamerlid? Simon of Hugo? Waarom stapte Hugo al na een jaar op als minister? Of was dat Simon? Of Anton, want die was er ook nog. Verwarring alom. Deze Dordt Eigen-Aardig is een vervolg op een publicatie in 2005. Want een lezer gaf nieuwe informatie. Over Hugo. Of was het Simon? Al die van Gijns: duizelt het u? Wees gerust, u bent de enige niet. Op een internetsite over de Dordtse schrijfster Top Naeff (verwant aan de Van Gijns) staat letterlijk: … Museum S.M. Hugo van Gijn (toch echt museum Museum Simon van Gijn). En kwaliteitskrant de Volkskrant beweert dat Hugo een oud-oom was van de schrijfster Top Naeff (was ook Simon). Voor alle duidelijkheid: er zijn vier Van Gijns die een rol gespeeld hebben in de geschiedenis. Simon (van het museum), S.M. Hugo (lid Tweede Kamer), Anton (minister van Financiën) en Hugo (raadslid en wethouder in Dordrecht). Vlaardingen Van oorsprong kwamen de Van Gijns uit Vlaardingen. Door met rijke Dordtse vrouwen uit invloedrijke families te huwen, trouwden de Van Gijns zich omhoog en kregen veel invloed in Dordrecht. De vader van Simon trouwde met de bankiersdochter Johanna Hooghwinkel en kwam zo in het bankiershuis van schoonpapa. De vader van Simon Marius Hugo (om verwarring te voorkomen meestal S.M. Hugo genoemd) trad maar liefst drie keer in het huwelijk, natuurlijk niet met een meisje uit de 'Marrieborriestraat', maar met dochters uit belangrijke Dordtse geslachten: Kuyl (houthandelaren), Blussé (reders en uitgevers) en Stoop (bestuurders). De twee vaders waren broers en dus waren Simon en S.M. Hugo neven van elkaar. Simon en S.M. Hugo traden in de voetsporen van hun vaders. Simon werd bankier, S.M. Hugo houthandelaar. Miljonairs waren de twee Van Gijns niet, maar dankzij het familiekapitaal hoefden ze zich niet al te druk te maken met iets banaals als geldverdienen.
Simons (1836-1922) passie was verzamelen. Vooral prenten hadden zijn aandacht en dan speciaal met afbeeldingen over Dordrecht. Simon van Gijn stond aan de wieg van de vereniging Oud-Dordrecht en van de Vereniging Dordrechts Museum. Ook steunde hij landelijke kunstverenigingen zoals de Vereniging Rembrandt. Simon van Gijn werd van welhaast onschatbare waarde voor de Dordtse geschiedenis toen hij na zijn dood in 1922 zijn indrukwekkende prentverzameling naliet aan de gemeente. Zijn huis aan de Nieuwehaven schonk hij aan Oud-Dordrecht, dat er een museum in vestigde. Het museum kreeg zijn naam: Museum Simon van Gijn.
De grote passie van S.M. Hugo van Gijn (1848-1891) was politiek en dan vooral de gemeente en regionale politiek. Hij was meer dan 15 jaar lid van de Dordtse gemeenteraad en van 1884 tot 1891 wethouder. Bovendien was hij lid van de Tweede Kamer van 1889 tot 1909. Hij was initiatiefnemer van de Industrie en Huishoudschool voor Meisjes in Dordrecht, en had hij te maken met de MTS. De grootste verdienste van Hugo van Gijn voor Dordrecht was zijn strijd voor een betere verbinding met zee. Hij werd in 1928 geëerd met het ereburgerschap van Dordrecht. Dat zijn de meeste Dordtenaren al lang weer vergeten. Waar de meeste Dordtenaren Hugo nog wel van kennen is van de breedste straat in Crabbehof. In de jaren zestig van de vorige eeuw kreeg die straat in de nieuwe wijk de naam S.M. Hugo van Gijnweg. Anton: minister
De vader van S.M. Hugo werd twee keer weduwnaar. Bij zijn derde vrouw kreeg hij op 56-jarige leeftijd nog een zoon: Anton (1866-1933). Mr. Dr. Anton van Gijn (dus een halfbroer van S.M. Hugo en een neef van Simon) was thesaurier-generaal en in die functie steun en toeverlaat van enkele ministers van Financiën. In 1916 werd hij zelf minister maar trad na een jaar alweer af na een conflict met zijn collega's. Anton van Gijn werd 'vasthoudend en overtuigd van eigen gelijk'genoemd. Met wat minder diplomatieke woorden: hij was onuitstaanbaar eigenwijs. Anton van Gijn werd later fractievoorzitter van de Liberale Staatspartij.
Hugo van Gijn (1889-na 1960) was een zoon van een broer van Anton (dus neef van deze Anton, 'stiefneef' van S.M. Hugo, en achterneef van Simon). Hij was directeur van onder andere de Rotterdamse Bank in Dordrecht en voorzitter van de Buitenschool. Hij werd in 1936 gemeenteraadslid en was twee termijnen wethouder, van 1949 tot 1957.
De Van-Gijnknoop ietwat ontward? Wie klikt kijgt een summier stamboompje, speciaal gemaakt voor dit artikel. |
'OVERIGE BESTEMMINGEN' stond in graniet gehakt boven de brievenbus van 't oude postkantoor, dat was van baksteen en bekroond met torens die eens een architect verzon omdat een metselaar dat kon. Nu hebben wij het PTT-gebouw van parelgrijs beton ontworpen door het Cemsto-hoofdkantoor, en boven de metalen brievengleuf is een rood plastic bandje vastgeplakt waarin een ambtenaar met lettertang dit tekstje heeft geperst: OVERIGE BESTEMMING Zo heeft een ieder toch zijn remming.
|
||||||